Meijendel

Fotoimpressie

Voor meer fotoimpressie’s zie de volgende deelgebieden

Beschrijving

Meijendel is een uitgestrekt duin- en natuurgebied ten westen van zuidelijk Wassenaar en ten noorden van Den Haag (Scheveningen). Meijendel heeft een omvang van ca 2000 ha en sluit nauw aan bij de boswachterij Hollands Duin en vormt samen daarmee het grootste aaneengesloten duingebied van Zuid-Holland. Het is een waterwingebied dat wordt beheerd door Dunea. De naam Meijendel is afgeleid van een vroegere boerderij gelegen in een gebied met vele meidoorns die er groeiden.

Meijendel kent vele subgebieden zoals de Klip, Bierlap, Kijfhoek, Kikkervallei, Libellenvallei, Ganzenhoek en de Waalsdorpervlakte. Gebied is verder te onderverdelen in drie zones: het buitenduin, het middenduin en het binnenduin.

  • Het buitenduin: zeezijde van Meijendel (zeereep) met direct daarachter paraboolduinen en vochtige duinvalleien. Lokaal duindoorn- en meidoornstruikgewas te vinden. Gebied heeft weinig bos en struweelgewas.
  • In het middenduin liggen de duinplassen (infiltratieplassen). De begroeiing is er hoger. Kenmerkend voor het gebied zijn de vele meidoornstruiken en lokaal wat moeras, kleine bosjes en rietkragen.
  • Het binnenduin: een gebied wat veel bos herbergt. Verder bestaat het uit grote valleien en paraboolduinen (= duin waarvan de rug in de vorm van een parabool is, waarvan de armen richting de overheersende wind wijzen; ontstaan door uitstuiving van grote stuifkuilen).

Het gebied heeft veel valleien die ’s winters meestal onder onder water staan (de Libellenvallei en Kikkervallei). Libellenvallei is vrij toegankelijk. De kikkervallei is dat niet.

Daar staan in de vroege zomer orchideeën te bloeien en wat later parnassia, watermunt en duizendguldenkruid. Andere valleien zijn met riet dichtgegroeid en zijn een paradijs voor de vele rietvogels zoals rietgors, blauwborst en waterrallen. In de kwelplassen geven rugstreeppadden op warme zomeravonden een oorverdovend concert, op zoek naar een partner. Het open water van infiltratieplassen wordt bevolkt door allerlei soorten eenden, dodaars en de zeldzame geoorde fuut. Zij profiteren van de aanwezigheid van waterwinning in het gebied. Er zouden anders niet zoveel plassen zijn.

Flora & Fauna

Flora en fauna zijn uitzonderlijk rijk vanwege de afwisselende samenstelling van het gebied (mede bepaald door mate van begroeiing, vochtgehalte en kalkgehalte). Er komen meer dan 250 soorten vogels voor en ongeveer 100 soorten broeden er ook. De verscheidenheid aan insecten is enorm (waterinsecten in de nattere gebieden in droge gebieden diverse soorten vlinders, mieren, kevers en bijen). De Kleine parelmoervlinder zien we vooral in de buurt van het duinviooltje. De boomkikker is ook geregeld waar te nemen in de struiken.

In de vochtige valleien zien we de Zandhagedis en de rugstreeppad. Speciale valleien zijn de Libellenvallei en met name de Kikkervallei (een kraamkamer van het duin als het gaat om amfibieën en insecten en zeldzame duinflora). Zeldzame platensoorten voor zoals Parnassia, Stranduizendguldenkruid, Orchideeën (Gevlekte rietorchis , de Vleeskleurige duinorchis, Moeraswespenorchis en de zeer zeldzame Steenrode orchis). Op de wat minder natte gedeelten van de vallei komt veel Gewoon Vleugeltjesbloem voor. Een sierlijk klein plantje. Ook herbergt Meijendel een tweetal zeldzame Gentiaansoorten: de Slanke gentiaan en de Kruisbladgentiaan. Deze laatste plant groeit op de wat koelere noord-hellingen van de duinheuvels en is op erg weinig locaties in Nederland nog te bewonderen.

Op de drogere duinen zie je soorten zoals Grote tijm, Kleine steentijm (zeldzaam), Veldhondstong, Glad parelzaad, Echt walstro en het Duinviooltje (een schitterend plantje met lichtblauwe bloemen). Duinviooltjes zie je boven het warme en kale duinzand uitsteken. Soms solitair maar ook geregeld in een grote populatie bij elkaar. Duinen worden later in het zomer geel gekleurd door Teunisbloemen en Jacobskruiskruiden.

Kenmerkende vogelsoorten:

  • buitenduin: de graspieper, roodborsttapuit, tapuit en veldleeuwerik
  • middenduin: de nachtegaal, rietgors, blauwborst, fitis, grasmus en zwartkop
  • binnenduin: de merel, tjiftjaf, vink, havik, wielewaal, boompieper en boomleeuwerik